Bandwilg (Salix ‘Sekka’)

GROND SOORT

Bij voorkeur relatief goed doorlatende matig voedselrijke grond; zuur of neutraal, geen kalk.

NAT OF DROOG

De bandwilg houdt van een vochtige grond.

RUIMTE

De struik wordt 3-7 m hoog en heeft bandvormige en gedraaide takken. Verder is de breedte van de bandwilg 3-7 meter.

LICHT

Het liefst staat de bandwilg zonnig, maar ook halfschaduw wordt door de boom verdragen. Belangrijk is dat de boom niet in harde wind staat. Goed bestand tegen luchtvervuiling.

Snoeien

De uit Japan afkomstige soort wordt in Nederland aangeplant vanwege de roodachtig glanzende takken en  langwerpige katjes, maar vooral om die golvende uitgroeiende takken.

Wilgen zijn snelle en sterke groeiers die je goed kunt snoeien. Ook een bandwilg is een makkelijke en sterke plant. Je zult hem niet snel dood snoeien. De wilg is dus prima in te perken wanneer hij te groot wordt. 

De boom hoeft niet echt gesnoeid te worden. Om de boom in model te houden kan men in het voorjaar en /of in de zomer de lange scheuten inkorten om de vorm van de boom te behouden. Volwassen bomen snoei je in het vroege voorjaar, de katjeswilgjes snoei je na de bloei in juni.

De boom is zeer eenvoudig te stekken door takken op de grond te leggen, hieruit ontstaan nieuwe takken. Ook gesnoeide takken in water gezet, laten snel wortels zien waarna deze kunnen worden geplant.

STAM EN KROON

BLOEIWIJZE

INSECTEN

De gehakkelde aurelia is een dagvlinder die als overwinteraar in het vroege voorjaar dankbaar gebruik maakt van het vroegbloeiende wilgenkatje. Wilgen in bloei zijn niet alleen mooi, maar hun nectar en stuifmeel is voor vroegvliegende insecten van levensbelang. Foto door: Frido van Hertum

 

De grijze zandbij is een vroegvliegende wilde bij en is bijna volledig afhankelijk van wilgenstuifmeel. Ze nestelen zich binnen een straal van 100 m rond bloeiende wilgen. Foto door: Frido van Hertum

 

 

De kleine vos is naast andere overwinterende dagvlinders als de atalanta en de dagpauwoog in het vroege voorjaar op zoek naar voedsel. De vroegbloeiende wilg is een belangrijke bron. Foto door: Frido van Hertum

 

 

De gewone bloesemboktor leeft in de tuinen en parken van stadscentra. De wilg is een broedboom voor deze kever. Foto door: Frido van Hertum

De wilg een wonder van biodiversiteit. Tussen de takken wemelt het van de muggen en andere insecten. Insecten trekken vogels aan, zoals spreeuwen, mezen en boerenzwaluwen. Veel vogels vinden een broedplaats in de pruik van de wilg. De witte bloemen geven een heerlijke, zoete honinggeur af, wat vervolgens werkt als lokaas voor bijen en vlinders. Oude wilgen bieden door hun dichte kruin en vaak holle stam veel nest en schuilgelegenheid voor vogels, marters muizen padden, salamanders en steenuilen.

 

 

Volg ons in de tussentijd even op Instagram en Facebook.

Of stuur ons een e-mail!
mail@cooldowncity.com

WE WORDEN GESTEUND DOOR

printerpro rotterdam